Rode Tabak

De vrij zeldzame Rode Tabak (Nicotiana forgetiana) is inheems in zuidelijke delen van Braziliƫ. Hij kan een hoogte bereiken van een meter. Deze tabakssoort kenmerkt zich door relatief kleine rode trompetvormige bloemen, die maar heel weinig geur afgeven. Eigenlijk zou deze tabakssoort daarom Roodbloemige Tabak moeten heten, maar een kniesoor die daarop let. Ik ben dus zo'n kniesoor.

Rode Tabak is een zogenaamde ruderale soort, de aanduiding voor een biotoop, welke gekenmerkt wordt door ernstige menselijke verstoring doordat er materiaal (puin of stenen), is gestort en dat een grote hoeveelheid voedingsstoffen (met name stikstof) bevat. Deze soort doet het goed in een goed gedraineerde bodem in rotspartijen, bermen en andere verstoorde ondergronden.
Het eerste deel van zijn wetenschappelijke naam, Nicotiana, ontleent zijn naam aan Jean Nicot, een Franse edelman en de Franse ambassadeur in Portugal van 1559 tot 1561, die in 1560 via Portugal de zaden van de tabaksplant zijn land binnenbracht. Het tweede deel, forgetiana, eert de Britse verzamelaar van exotische planten en zaden Louis Forget († 1915). Hij was in dienst van het Britse Messrs. Frederick Sander & Sons, gevestigd te St. Albans, die daar een orchideenkwekerij waren begonnen. Later had men ook een vestiging in het Belgische Brugge. En juist in BelgiĆ« wordt Rode Tabak heel af en toe verwilderd aangetroffen.

Onderzoek heeft aangetoond dat Jasmijntabak (Nicotiana alata) en Rode Tabak zeer nauw aan elkaar verwant zijn. In het algemeen sluiten de bloemen van de Rode Tabak zich na zonsondergang een uurtje later dan die van de Jasmijntabak en openen zich in de late namiddag een uurtje eerder dan die van zijn broertje. Op wat koelere dagen blijven de bloemen van beide soorten wat langer open.

Deze column is mede mogelijk gemaakt door de erfgenamen van Messrs. Frederick Sander & Sons. Zie voor hun website hier.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen